03 juli 2011
26 juni 2011
22 juni 2011
Tahiti blue vorderingen
Ronald maakt met twee weekjes 'sleutelvrij' vorderingen met de Tahiti Sprint. De motor is terug van revisie bij Arthur Denzler en Hans ten Broeke (BCCP), en naar verluidt zou dit 130PK aan de wielen leveren, met een vrij standaard maar nauwkeurig opgebouwde motor. Af fabriek hadden sprintblokken pak 'm beet 127PK aan het vliegwiel...
04 juni 2011
Oude liefde roest niet
Over eerste liefdes en ouderlijke liefdes
40 jaar dolomite: 17 juli 2011
Omdat in oktober 1971 de Dolomite op de London Motor show officieel geïntroduceerd werd, wilden diverse dolofielen dit niet ongemerkt voorbij laten gaan. Daarom wordt er een "40 jaar dolomite" koffieklets georganiseerd op 17 juli 2011. Er wordt rond 10.30 verzameld bij Restaurant de Kroon, Dorpsstraat 26, 7447 CS Hellendoorn. Vanuit daar heeft Jeroen Rothman een leuke rit uitgezet naar Gramsbergen, en wie daar koffie of wat taart wil moet zich even van tevoren aanmelden op sprint[at]youngtimer.nl.
Initiatoren zijn allemaal dolomite- coryfeeën van weleer maar ook van nu: Hans ten Broeke, Wineke Hommes, Jeroen Rothman, Ronald de Jonge, Jan Oldenkamp en ondergetekende. Het idee is parallel ook al in de kring “vrienden van de dolomite” (kijk maar eens op www.triumph-dolomite.nl) ontstaan bij Ronald Heynes, wiens dolomite onlangs in GBC (Great British Cars – qua sfeer een soort reïncarnatie van het tijdschrift British Cars) schitterde overigens. Dus heb je iets dolomite-achtigs dan moet je er die zondag bij zijn!!

En laat ik het zo zeggen, als je er bij bent met je dolomite die zondag heb je voorrang bij de voorverkoop voor het “40 jaar dolomite in Nederland”-event in 2013, waar we vieren dat het in februari 2013 precies 40 jaar geleden is dat de toen piepjonge Monique van de Ven op de motorkap van een dolomite prijkte bij de introductie van die auto in Nederland op de Autorai, aangezien British Leyland het jaar daarvoor in 1972 de film “Turks Fruit” had gesponsord. Als Jan Oldenkamp z’n charmes in de strijd gooit werkt Monique misschien wel mee aan een re-enactment van die foto…
My dad had one of those
Laatst heb ik op amazon.co.uk weer eens rondgesnuffeld en zo maar weer eens een leuk boekje gevonden over oude auto’s: “My dad had one of those”. Ik wist het niet vantevoren, maar er staat ook een dolomite in. Het gaat in dit boekje echter niet om de plaatjes, maar vooral om de tekst, want, aan wat voor auto je vader reed kon je aflezen wat voor soort man hij was. Had je pa een Triumph 2000, dan zat vaders in de categorie “executive”. Had je pa een dolomite, dan was pa een “luxury dad” - ik had ‘m onder “sporty dad” verwacht, maar met die titel gaat van de Triumphs de Stag aan de haal. En de meest briljante tekst uit het hele boekje staat ook bij deze Triumph Stag: Knowing your dad had a Stag was second only to discovering that he’d just got a job as a secret agent.

In het register zitten met name foto’s gemaakt op TDCN of CTH meetings, 99 van de 100 gemaakt door Jan Oldenkamp, en slechts een enkele keer een foto van voor of buiten het hele clubgebeuren. Niet dat ik het Jan kwalijk neem dat hij nauwgezet zo veel mogelijk dolomites heeft vastgelegd, nee in tegendeel, maar wat is er nou mooier dan een leuk plaatje uit een familie-album uit de jaren ’70 van de gezinsdolomite op de camping? Ik heb exact één zo’n foto, van Peter van den Hoogen (de man achter www.triumphdolomite.nl) die ooit een hele tijd op zoek is geweest naar de dolomite van z’n vader. Er moeten toch meer van dit soort plaatjes zijn? Stuur ze in!
By the way, er is een hele website gericht op oude autoliefdes: www.mijnoudeauto.nl. Erg leuk om eens op te kijken. Dit soort websites voedt de nostalgie en heimwee naar je allereerste auto, of inderdaad die auto van je vader of misschien je oom.
Vooral die laatste twee categorieën maken diepe indruk op kleine jongetjes. Jeugdsentiment heet het ook wel eens, maar vaak mondt het uit in een obsessie die kan leiden tot een trauma in de midlifecrisis-jaren of na het pensioen, wanneer er precies zo’n auto moet komen, of beter: diezelfde auto als-t-ie nog rond rijdt.
Mijn vader heeft mini’s en een Austin Glider (1300) gereden (helaas allemaal onbekend bij het RDW dus waarschijnlijk naar de eeuwige jachtvelden), maar hieraan heb ik nog een origineel mapje voor de autopapieren overgehouden van BL-dealer Poot in Leiden. Ik heb dus niet de mini- of mini-plus (euh, Glider) bug gekregen, maar laten we het erop houden dat m’n vader eigenlijk liever een dolomite gereden had. Hij heeft wel concreet eens naar de Triumph 1300 gekeken geloof ik.
En m’n ooms? De enige oom-auto die ik me kan herinneren is de Ford Capri (MkI) van m’n oom Wim, de auto’s van alle andere ooms ben ik compleet vergeten, want dat zullen wel auto’s geweest zijn die je ook moest vergeten. Geen enkele oom heeft ooit een dolomite gereden, helaas. Tsk. En dat met van moeders kant 13 kinderen.
40 jaar dolomite: 17 juli 2011
Omdat in oktober 1971 de Dolomite op de London Motor show officieel geïntroduceerd werd, wilden diverse dolofielen dit niet ongemerkt voorbij laten gaan. Daarom wordt er een "40 jaar dolomite" koffieklets georganiseerd op 17 juli 2011. Er wordt rond 10.30 verzameld bij Restaurant de Kroon, Dorpsstraat 26, 7447 CS Hellendoorn. Vanuit daar heeft Jeroen Rothman een leuke rit uitgezet naar Gramsbergen, en wie daar koffie of wat taart wil moet zich even van tevoren aanmelden op sprint[at]youngtimer.nl.
Initiatoren zijn allemaal dolomite- coryfeeën van weleer maar ook van nu: Hans ten Broeke, Wineke Hommes, Jeroen Rothman, Ronald de Jonge, Jan Oldenkamp en ondergetekende. Het idee is parallel ook al in de kring “vrienden van de dolomite” (kijk maar eens op www.triumph-dolomite.nl) ontstaan bij Ronald Heynes, wiens dolomite onlangs in GBC (Great British Cars – qua sfeer een soort reïncarnatie van het tijdschrift British Cars) schitterde overigens. Dus heb je iets dolomite-achtigs dan moet je er die zondag bij zijn!!

En laat ik het zo zeggen, als je er bij bent met je dolomite die zondag heb je voorrang bij de voorverkoop voor het “40 jaar dolomite in Nederland”-event in 2013, waar we vieren dat het in februari 2013 precies 40 jaar geleden is dat de toen piepjonge Monique van de Ven op de motorkap van een dolomite prijkte bij de introductie van die auto in Nederland op de Autorai, aangezien British Leyland het jaar daarvoor in 1972 de film “Turks Fruit” had gesponsord. Als Jan Oldenkamp z’n charmes in de strijd gooit werkt Monique misschien wel mee aan een re-enactment van die foto…
My dad had one of those
Laatst heb ik op amazon.co.uk weer eens rondgesnuffeld en zo maar weer eens een leuk boekje gevonden over oude auto’s: “My dad had one of those”. Ik wist het niet vantevoren, maar er staat ook een dolomite in. Het gaat in dit boekje echter niet om de plaatjes, maar vooral om de tekst, want, aan wat voor auto je vader reed kon je aflezen wat voor soort man hij was. Had je pa een Triumph 2000, dan zat vaders in de categorie “executive”. Had je pa een dolomite, dan was pa een “luxury dad” - ik had ‘m onder “sporty dad” verwacht, maar met die titel gaat van de Triumphs de Stag aan de haal. En de meest briljante tekst uit het hele boekje staat ook bij deze Triumph Stag: Knowing your dad had a Stag was second only to discovering that he’d just got a job as a secret agent.

In het register zitten met name foto’s gemaakt op TDCN of CTH meetings, 99 van de 100 gemaakt door Jan Oldenkamp, en slechts een enkele keer een foto van voor of buiten het hele clubgebeuren. Niet dat ik het Jan kwalijk neem dat hij nauwgezet zo veel mogelijk dolomites heeft vastgelegd, nee in tegendeel, maar wat is er nou mooier dan een leuk plaatje uit een familie-album uit de jaren ’70 van de gezinsdolomite op de camping? Ik heb exact één zo’n foto, van Peter van den Hoogen (de man achter www.triumphdolomite.nl) die ooit een hele tijd op zoek is geweest naar de dolomite van z’n vader. Er moeten toch meer van dit soort plaatjes zijn? Stuur ze in!
By the way, er is een hele website gericht op oude autoliefdes: www.mijnoudeauto.nl. Erg leuk om eens op te kijken. Dit soort websites voedt de nostalgie en heimwee naar je allereerste auto, of inderdaad die auto van je vader of misschien je oom.
Vooral die laatste twee categorieën maken diepe indruk op kleine jongetjes. Jeugdsentiment heet het ook wel eens, maar vaak mondt het uit in een obsessie die kan leiden tot een trauma in de midlifecrisis-jaren of na het pensioen, wanneer er precies zo’n auto moet komen, of beter: diezelfde auto als-t-ie nog rond rijdt.
Mijn vader heeft mini’s en een Austin Glider (1300) gereden (helaas allemaal onbekend bij het RDW dus waarschijnlijk naar de eeuwige jachtvelden), maar hieraan heb ik nog een origineel mapje voor de autopapieren overgehouden van BL-dealer Poot in Leiden. Ik heb dus niet de mini- of mini-plus (euh, Glider) bug gekregen, maar laten we het erop houden dat m’n vader eigenlijk liever een dolomite gereden had. Hij heeft wel concreet eens naar de Triumph 1300 gekeken geloof ik.
En m’n ooms? De enige oom-auto die ik me kan herinneren is de Ford Capri (MkI) van m’n oom Wim, de auto’s van alle andere ooms ben ik compleet vergeten, want dat zullen wel auto’s geweest zijn die je ook moest vergeten. Geen enkele oom heeft ooit een dolomite gereden, helaas. Tsk. En dat met van moeders kant 13 kinderen.
20 maart 2011
Dolomites op de TV
Ik herinnerede mij een nieuwsuitzending van lang geleden over iets met een bankoverval waarbij eventjes een witte Dolomite in beeld was. Even m'n geluk beproeven op youtube met zoekwoorden als "bankoverval" en "Amsterdam", en ik had het filmpje zo gevonden... even slikken want het was alweer 1997... dus alweer zo'n 14 jaar geleden... De Dolomite komt al in beeld na 11~12 seconden... Weet iemand trouwens welke Dolomite dit is???
Als iemand meer 'toevallige' of minder toevallige appearances weet van dolomites op de TV, hou ik mij aanbevolen... reageer op dit berichtje hieronder of mail mij (zie navbar hier links).
Als iemand meer 'toevallige' of minder toevallige appearances weet van dolomites op de TV, hou ik mij aanbevolen... reageer op dit berichtje hieronder of mail mij (zie navbar hier links).
05 februari 2011
Familiebekentekenissen
Over de kentekenen van veroudering maar ook verjonging
2011 is nu echt begonnen... 2010 was het jaar waarin er binnen de club eindelijk weer een heuse toledo rijdend te zien was op de DNTD – en dat precies in het jaar dat de toledo 40 jaar bestond.

In het clubregister voor de dolomite-familie komen 20 Toledo’s voor – 7 van deze kentekens staan pas in het register na de aankoop van de gegevens uit het RDW-bestand door de club. Naast de zojuist genoemde nu weer rijdende Toledo van Fred Wolsleger is er geen enkele andere Toledo met APK op dit moment, al is er wel één Toledo recentelijk van eigenaar gewisseld: de 98-41-SV is in september van 2010 nog op naam gezet – al kan dit ook door een heractivering van een kenteken als zodanig op de website van het RDW getoond worden.
En 2011? Dat is het jaar van 40 jaar Dolomite, tenminste, als we de introductie van de Dolomite op de London Motor Show in oktober 1971 als geldige geboortedatum beschouwen... de echte massaproductie kwam pas in 1972 op gang.
In 2011 bestaat de TR7 ook nog ‘es 35 jaar, dus André de Jonge en ik willen deze heuglijke feiten in ieder geval niet ongemerkt voorbij laten gaan; concrete plannen hiervoor moeten nog gemaakt worden.
Nadat ik aantallen en kleuren al eens op een rijtje gezet heb is locatie ook wel een leuke dacht ik, en heb een eerste filter over het register gelegd – ik zeg een eerste filter, want ik heb hiervoor de ‘duizendtallen’-range van de postcodes gebruikt, en dit geeft een wat vreemde selectie, omdat sommige gebieden erg groot zijn, en soms zelfs gesplitst (Gelderland en Zuid-Limburg zitten in dezelfde duizendtallen-range bijvoorbeeld). Maar goed, toch wel interessant om even naar te kijken.

De ‘kleine’ familieleden, de 1300, 1500 en Toledo zijn nogal verspreid over het land, en met die kleine aantallen kun je namelijk ook niet echt een conclusie trekken.
De dolomite en dolomite sprint hebben wat meer statistische waarde, en van de nog geregistreerde auto’s zwerft het grootste gedeelte in Oost-Nederland rond...
...en dit is ook het beeld van de totalen. Dit is ook iets wat Jan Oldenkamp, toen ook nog een inheemse Oosterling ;-), mij jaren gelden al eens vertelde: in het Oosten van het land hebben ze toch iets met deze auto’s, en sowieso wel iets met klassiekers in het algemeen, want AMK (Auto Motor Klassiek), tijdenlang het (enige) puur Nederlandse klassiekerblad, heeft haar wieg ook daar staan.
Bovenstaande getallen zijn alleen de auto’s waarvan in het register of in de aangekochte gegevens van het RDW een postcode te vinden was; er zijn tijden geweest dat er op marktplaats eens in de paar maanden een onbekende dolomite opdook, vaak uit een schuurtje in het Oosten of Noorden van het land (en eentje op één van de waddeneilanden). Zouden er nog meer zijn? Wie heeft er nog leuke “Barn find” foto’s? Zelf heb ik in mijn eigen woonplaats op een donkere avond naast een boerderij eens het volgende plaatje geschoten...:
2011 is nu echt begonnen... 2010 was het jaar waarin er binnen de club eindelijk weer een heuse toledo rijdend te zien was op de DNTD – en dat precies in het jaar dat de toledo 40 jaar bestond.
In het clubregister voor de dolomite-familie komen 20 Toledo’s voor – 7 van deze kentekens staan pas in het register na de aankoop van de gegevens uit het RDW-bestand door de club. Naast de zojuist genoemde nu weer rijdende Toledo van Fred Wolsleger is er geen enkele andere Toledo met APK op dit moment, al is er wel één Toledo recentelijk van eigenaar gewisseld: de 98-41-SV is in september van 2010 nog op naam gezet – al kan dit ook door een heractivering van een kenteken als zodanig op de website van het RDW getoond worden.
| Kenteken | Bij RDW actief? | APK? | Model | Bijzonderheden |
| 39-17-PR | nee | Toledo | ||
| 39-25-PR | nee | Toledo | In 2005 wel, nu niet meer geregistreerd | |
| 67-10-PX | nee | Toledo | ||
| 60-15-SV | nee | Toledo TC | ||
| 60-16-SV | nee | Toledo 1300 | ||
| 60-33-SV | ja | nee | Toledo | |
| 60-44-SV | ja | 1999 | Toledo 1500 | |
| 98-13-SV | ja | nee | Toledo | |
| 98-14-SV | nee | Toledo | ||
| 98-41-SV | ja | nee | Toledo | Aanvang tenaamstelling: 17/09/2010! |
| 98-61-SV | ja | nee | Toledo | |
| 09-96-TH | nee | Toledo | ||
| 08-74-TN | ja | 2012 | Toledo 1500TC | |
| 46-07-TN | nee | Toledo 1500 | ||
| 36-23-TR | ja | nee | Toledo 1500 | |
| 58-38-UF | ja | nee | Toledo | |
| 42-71-UG | nee | Toledo 1500TC | ||
| 78-00-ZR | ja | nee | Toledo | |
| JL-11-HS | ja | nee | Toledo | |
| NZ-95-YV | ja | nee | Toledo |
En 2011? Dat is het jaar van 40 jaar Dolomite, tenminste, als we de introductie van de Dolomite op de London Motor Show in oktober 1971 als geldige geboortedatum beschouwen... de echte massaproductie kwam pas in 1972 op gang.
In 2011 bestaat de TR7 ook nog ‘es 35 jaar, dus André de Jonge en ik willen deze heuglijke feiten in ieder geval niet ongemerkt voorbij laten gaan; concrete plannen hiervoor moeten nog gemaakt worden.
Nadat ik aantallen en kleuren al eens op een rijtje gezet heb is locatie ook wel een leuke dacht ik, en heb een eerste filter over het register gelegd – ik zeg een eerste filter, want ik heb hiervoor de ‘duizendtallen’-range van de postcodes gebruikt, en dit geeft een wat vreemde selectie, omdat sommige gebieden erg groot zijn, en soms zelfs gesplitst (Gelderland en Zuid-Limburg zitten in dezelfde duizendtallen-range bijvoorbeeld). Maar goed, toch wel interessant om even naar te kijken.

De ‘kleine’ familieleden, de 1300, 1500 en Toledo zijn nogal verspreid over het land, en met die kleine aantallen kun je namelijk ook niet echt een conclusie trekken.
| Postcodegebied | 1300 | 1500 | TOLEDO |
| 1-Noord-Holland | 2 | ||
| 2-Zuid-Holland | 2 | 1 | |
| 3-Utrecht,Zuid/Zuid-Holland | 2 | ||
| 4-Zeeland,West-Brabant,Zuid-Utrecht | 1 | ||
| 5-Midden&Oost-Brabant,Noord-Limburg | 1 | 1 | |
| 6-Limburg,Gelderland | 1 | 1 | |
| 7-Oost-Nederland | 1 | 1 | 1 |
| 8-Friesland,Flevoland,Drenthe | 1 | 1 | |
| 9-Groningen,Noord-Friesland | 1 | 3 | |
| Totaal | 7 | 2 | 12 |
De dolomite en dolomite sprint hebben wat meer statistische waarde, en van de nog geregistreerde auto’s zwerft het grootste gedeelte in Oost-Nederland rond...
| Postcodegebied | DOLOMITE (1500(HL/SE)) | DOLOMITE (1850(HL)) | DOLOMITE SPRINT |
| 1-Noord-Holland | 1 | 22 | 6 |
| 2-Zuid-Holland | 28 | 5 | |
| 3-Utrecht,Zuid/Zuid-Holland | 26 | 12 | |
| 4-Zeeland,West-Brabant,Zuid-Utrecht | 18 | 1 | |
| 5-Midden&Oost-Brabant,Noord-Limburg | 18 | 7 | |
| 6-Limburg,Gelderland | 28 | 9 | |
| 7-Oost-Nederland | 27 | 11 | |
| 8-Friesland,Flevoland,Drenthe | 7 | ||
| 9-Groningen,Noord-Friesland | 20 | 6 | |
| Totaal | 1 | 194 | 57 |
| Postcodegebied | Totaal | |
| 1-Noord-Holland | 31 | 11% |
| 2-Zuid-Holland | 36 | 13% |
| 3-Utrecht,Zuid/Zuid-Holland | 40 | 15% |
| 4-Zeeland,West-Brabant,Zuid-Utrecht | 20 | 7% |
| 5-Midden&Oost-Brabant,Noord-Limburg | 27 | 10% |
| 6-Limburg,Gelderland | 39 | 14% |
| 7-Oost-Nederland | 41 | 15% |
| 8-Friesland,Flevoland,Drenthe | 9 | 3% |
| 9-Groningen,Noord-Friesland | 30 | 11% |
| Totaal | 273 |
...en dit is ook het beeld van de totalen. Dit is ook iets wat Jan Oldenkamp, toen ook nog een inheemse Oosterling ;-), mij jaren gelden al eens vertelde: in het Oosten van het land hebben ze toch iets met deze auto’s, en sowieso wel iets met klassiekers in het algemeen, want AMK (Auto Motor Klassiek), tijdenlang het (enige) puur Nederlandse klassiekerblad, heeft haar wieg ook daar staan.
Bovenstaande getallen zijn alleen de auto’s waarvan in het register of in de aangekochte gegevens van het RDW een postcode te vinden was; er zijn tijden geweest dat er op marktplaats eens in de paar maanden een onbekende dolomite opdook, vaak uit een schuurtje in het Oosten of Noorden van het land (en eentje op één van de waddeneilanden). Zouden er nog meer zijn? Wie heeft er nog leuke “Barn find” foto’s? Zelf heb ik in mijn eigen woonplaats op een donkere avond naast een boerderij eens het volgende plaatje geschoten...:
01 augustus 2010
Dutch National Triumph Day
Vandaag is Sven gaan kijken naar zijn toekomstige eerste auto. Nou ja, gaan kijken naar "soortgenoten". Papa Tjakko heeft zelf ook een aantal Triumph Dolomites en als Sven groot genoeg is, zal hij papa vast helpen met sleutelen en zorgen dat er weer een Dolomite rijdt om vervolgens papa te helpen met navigeren tijdens een tour-rally-tocht en... Reden genoeg dus om een bezoekje te brengen aan de Dutch National Triumph Day in Beesd. En, eenmaal daar aangekomen was het paradijs voor Sven bereikt. Heerlijk rondlopen op een heeeeeeeeeel groot grasveld en continu (al wijzend): auto, auto, auto, auto, auto kunnen zeggen. Papa Tjakko werd in ieder geval al heel blij toen Sven op de eerste rij auto's afliep en stil ging staan bij... jawel... een Dolomite! Misschien een toevalstreffer, maar voor papa een teken dat Sven de Dolomite ook weet te waarderen boven de Stag, TR7, Spitfire, enz.
Er stond ook een Toledo die op de foto moest, omdat deze 40-jaar bestond en omdat hij pas sinds kort weer rijdt.
05 juni 2010
Uit de oude doos maar toch niet belegen
Over wat jaren na dato nog steeds spannend is en meer
Beste lezer, het nu volgende stukje is een bij voorbaat falende poging om wat van het enthousiasme over te brengen wat 3 jonge doch oudgediende dolofielen en ikzelf hebben opgesnoven in Engeland. Falend bij voorbaat, omdat we nog veel meer hernieuwd enthousiasme hebben opgedaan dan ik via papier of enig ander medium kan overbrengen. Toch doe ik bij deze een poging.
Half april zou er door het Engelse Triumph 2000 register een event georganiseerd worden naar aanleiding van de 40e verjaardag van de “London to Mexico” Worldcup Rally (http://wcr40.org.uk/). Ronald de Jonge, Jeroen Rothman, Hans ten Broeke en ikzelf wilden hier wel graag naar toe, in de eerste plaats om het algemene Triumph- en in het bijzonder het Dolomite-enthousiasme eens flink te voeden.
We gingen in stijl – de in full rally-trim gedoste dolomite 1850 (euh, 1500, of toch..?) van Jeroen werd als vervoermiddel aangewezen, en dagelijkse Focussen en Clio’s werden resoluut op een onguur parkeerterrein in Hoek van Holland achtergelaten. Op de boot meteen even sleutelen, nu ja, sleutelen, er was een zekeringetje kapot, waarschijnlijk door rondvliegend vulkaanas, maar aangezien er in Jeroen’s rallypaard ongeveer over de gehele breedte van de auto zekeringetjes gemonteerd zitten duurde het wel even voordat we de goede te pakken hadden. De bootreis met overnachting beviel verder erg goed – geen snurkers, zeeziekte of verveling; wel sterke verhalen, een enkel biertje en een relatief goede nachtrust, totdat een vriendelijke doch indringende vrouwelijke speaker-stem ons om 6.30 tijd ruw uit onze slaap wekte, en Ronald en ik prompt onze hoofden stootten tegen het plafond omdat wij verbannen waren naar de bovenste (stapel)bedden.
Onderweg is het de kunst te stoppen op de goede plaats voor bijvoorbeeld de lunch; men lette daarbij op voortekenen zoals daar zijn een geparkeerde Stag of borden met teksten als “Serving hot breakfast all day”. Helaas betekende “all day” “vanaf 12:00”, maar gezien de op het parkeerterrein aanwezige Stag het half uurtje in de zon maar even overbrugd, tussen de bedrijven door vernemend dat diezelfde Stag gratis verkregen was omdat de vorige eigenaar ging emigreren. Wij vroegen ons alle vier simultaan af waarom dat ons nu nooit overkwam, maar realiseerden ons ook dat dit alleen in Engeland mogelijk is.
We zouden in Coventry overnachten op een adresje waar Ronald en ik al twee keer eerder waren geweest, op korte afstand van het centrum waar ook het Coventry Transport Museum gevestigd is. Dit zou het eerste doel zijn van onze viermansmissie, dus Jeroen drukte het gaspedaal regelmatig goed in, Hans zorgde dat er links gereden werd (niet nodig want dat deed Jeroen erg goed) en zorgde voor versnaperingen en verhalen ter lering ende vermaak, Ronald was vooral goed als ‘back seat driver’ c.q. achterbankkaartlezer (prima navigatie overigens), en ondergetekende hield een fotocamera en adressen paraat, binnensmonds iets mompelend als “die van mij moet ook snel weer rijden”, maar dat hoorde verder niemand, omdat men aannam dat ik wat steunde omdat ik klem zat tussen de door Jeroen als voorstoel gemonteerde Chesterton-leunstoel en de achterbank.

Op het forum van de Engelse dolomite-club was achteraf te lezen dat iemand van die club in zijn dagelijkse auto onze dolomite nog getracht had te volgen Coventry in, maar dat hij ons kwijtgeraakt was; wij hadden namelijk een tikje haast het museum in te kunnen, want we hadden nog ‘slechts’ een halve dag. Het museum had sinds ons vorige bezoek 3 jaar geleden een refurbishment ondergaan, en vooral de jaren ‘60/’70-collectie was een stuk verbeterd, aangezien het daar wemelde van de Triumphs. Hieronder een -letterlijk- halve Herald: een heel chassis, deels opengewerkte motor, en over de lengte doormidden gezaagde body; zeg maar een ‘luxe’ versie van het chassis-met-mechanica dat de CTH in haar bezit heeft. Ook inmiddels in de vaste collectie opgenomen was de eerste produktie-sprint, chassisnummer één (VA1DL), geplaatst in een typisch jaren ’70 plaatje naast een Allegro en een Escort, en een mooie lichtblauwe 1300 in een decor over de stakingen bij BL gedurende de jaren ’70.


Na een toeristische detour langs de kathedraal die wonder boven wonder de Duitse V1- en V2-aanvallen in WOII overleefd had, een typisch Engelse pastamaaltijd genuttigd - typisch Engels aangezien we net op tijd konden vluchten toen er een “hen’s night” neerdaalde in het etablissement. Avondvertier was vanuit de B&B naar Ronald en ik dachten vooral in het centrum te vinden op zo’n 20 minuten lopen, maar Hans regelde (hoe weten we nog steeds niet) dat we in de “Social Club” pal naast de B&B terecht konden (een besloten club waar je eigenlijk lid moest zijn). Voor de verandering niemand gesproken die ooit een dolomite gehad had, maar wel (a) aan een loterij meegedaan maar niks gewonnen en (b) bij sfeervol TL-licht gezien wat een gemêleerde samenleving die Engelse maatschappij toch is.
En toen de zondag! Na een echt Engels ontbijt met veel vet, ruim voldoende bonen, spek, toast, worst, tomaat (en had ik al gezegd veel vet?), klaargemaakt door een belegen doch uiterst vriendelijke dame (nu eens niet in een bloemetjesjurk zoals eigenlijk hoort bij B&Bs), vrolijk op weg naar het Heritage centre in Gaydon nabij Warwick. Buiten stonden naast ex-World Cup auto’s (1970) ook iets moderner rally-spul opgesteld, zoals dolomites (1973+), waar wij naast hadden kunnen parkeren als we gejokt hadden bij het beantwoorden van de vraag of onze auto een originele rally-auto was...
Jeroen speelde even met de vraag of de eigenaar van de daar aanwezige orignele Group 2 rally-auto het zou merken als hij deze auto boutje-voor-boutje uit elkaar zou schroeven en de onderdelen zou verstoppen in zijn achterbak naast de gastank en onze tassen, maar omdat hier geen plek voor was besloot hij toch maar om aan zijn originele idee vast te houden en er een replica van te bouwen.


Wat een mooie collectie auto’s stond daar: van de originele (...) World Cup rally-auto’s waren er de twee Saloons van Patrick Walker, een door BL Australia ingezette saloon in licht verkreukelde maar originele staat, en o.a. de winnende Ford Escort.

Volgens de daar ook een korte presentatie gevende Triumph-coureur Brian Culcheth had Triumph de rally moeten en kunnen winnen, omdat de Ford-rijder nog geen rally uitgereden had dat seizoen, laat staan dat hij dat nu ineens zou gaan doen in een rally van 16.000 mijl (!!) met special stages die tweeëneenhalve dag non-stop duurden. Brian Culcheth had de beste voorbereiding en verkenning gedaan (vergelijkbaar met het plusminus 5x rijden van de rally), geweldig materiaal en goede ondersteuning qua onderdelen o.a. door de inzet van vliegtuigen, maar de Ford-rijder maakte deze keer geen fouten, en werd de (terechte) winnaar. Brian Culcheth werd tweede. Brian Robson heeft over deze World Cup rally een boek geschreven, waarin vooral de Triumphs veel aandacht krijgen: “The daily mirror 1970 World Cup Rally 40”. Dit boek en een DVD van Brian Culcheth meteen aangeschaft natuurlijk.
Ook het Heritage Museum was het bekijken waard, en Hans en Jeroen hebben de daar aanwezige met een Dolomite Sprint-motor uitgeruste Formule 3 racer (gereden door o.a. Tiff Needell en Mansell) aan een nauwgezet onderworpen.


De maandag van terugkomst in Haarlem nog een leuke originele dolomite gaan bekijken in Haarlem een extra plaatje wil ik jullie niet onthouden. Deze auto kan heel veel origineel rijplezier bieden, maar moet gezien haar historie bij voorkeur bij een liefhebber terechtkomen.

Beste lezer, het nu volgende stukje is een bij voorbaat falende poging om wat van het enthousiasme over te brengen wat 3 jonge doch oudgediende dolofielen en ikzelf hebben opgesnoven in Engeland. Falend bij voorbaat, omdat we nog veel meer hernieuwd enthousiasme hebben opgedaan dan ik via papier of enig ander medium kan overbrengen. Toch doe ik bij deze een poging.
Half april zou er door het Engelse Triumph 2000 register een event georganiseerd worden naar aanleiding van de 40e verjaardag van de “London to Mexico” Worldcup Rally (http://wcr40.org.uk/). Ronald de Jonge, Jeroen Rothman, Hans ten Broeke en ikzelf wilden hier wel graag naar toe, in de eerste plaats om het algemene Triumph- en in het bijzonder het Dolomite-enthousiasme eens flink te voeden.
We gingen in stijl – de in full rally-trim gedoste dolomite 1850 (euh, 1500, of toch..?) van Jeroen werd als vervoermiddel aangewezen, en dagelijkse Focussen en Clio’s werden resoluut op een onguur parkeerterrein in Hoek van Holland achtergelaten. Op de boot meteen even sleutelen, nu ja, sleutelen, er was een zekeringetje kapot, waarschijnlijk door rondvliegend vulkaanas, maar aangezien er in Jeroen’s rallypaard ongeveer over de gehele breedte van de auto zekeringetjes gemonteerd zitten duurde het wel even voordat we de goede te pakken hadden. De bootreis met overnachting beviel verder erg goed – geen snurkers, zeeziekte of verveling; wel sterke verhalen, een enkel biertje en een relatief goede nachtrust, totdat een vriendelijke doch indringende vrouwelijke speaker-stem ons om 6.30 tijd ruw uit onze slaap wekte, en Ronald en ik prompt onze hoofden stootten tegen het plafond omdat wij verbannen waren naar de bovenste (stapel)bedden.
Onderweg is het de kunst te stoppen op de goede plaats voor bijvoorbeeld de lunch; men lette daarbij op voortekenen zoals daar zijn een geparkeerde Stag of borden met teksten als “Serving hot breakfast all day”. Helaas betekende “all day” “vanaf 12:00”, maar gezien de op het parkeerterrein aanwezige Stag het half uurtje in de zon maar even overbrugd, tussen de bedrijven door vernemend dat diezelfde Stag gratis verkregen was omdat de vorige eigenaar ging emigreren. Wij vroegen ons alle vier simultaan af waarom dat ons nu nooit overkwam, maar realiseerden ons ook dat dit alleen in Engeland mogelijk is.
We zouden in Coventry overnachten op een adresje waar Ronald en ik al twee keer eerder waren geweest, op korte afstand van het centrum waar ook het Coventry Transport Museum gevestigd is. Dit zou het eerste doel zijn van onze viermansmissie, dus Jeroen drukte het gaspedaal regelmatig goed in, Hans zorgde dat er links gereden werd (niet nodig want dat deed Jeroen erg goed) en zorgde voor versnaperingen en verhalen ter lering ende vermaak, Ronald was vooral goed als ‘back seat driver’ c.q. achterbankkaartlezer (prima navigatie overigens), en ondergetekende hield een fotocamera en adressen paraat, binnensmonds iets mompelend als “die van mij moet ook snel weer rijden”, maar dat hoorde verder niemand, omdat men aannam dat ik wat steunde omdat ik klem zat tussen de door Jeroen als voorstoel gemonteerde Chesterton-leunstoel en de achterbank.
Op het forum van de Engelse dolomite-club was achteraf te lezen dat iemand van die club in zijn dagelijkse auto onze dolomite nog getracht had te volgen Coventry in, maar dat hij ons kwijtgeraakt was; wij hadden namelijk een tikje haast het museum in te kunnen, want we hadden nog ‘slechts’ een halve dag. Het museum had sinds ons vorige bezoek 3 jaar geleden een refurbishment ondergaan, en vooral de jaren ‘60/’70-collectie was een stuk verbeterd, aangezien het daar wemelde van de Triumphs. Hieronder een -letterlijk- halve Herald: een heel chassis, deels opengewerkte motor, en over de lengte doormidden gezaagde body; zeg maar een ‘luxe’ versie van het chassis-met-mechanica dat de CTH in haar bezit heeft. Ook inmiddels in de vaste collectie opgenomen was de eerste produktie-sprint, chassisnummer één (VA1DL), geplaatst in een typisch jaren ’70 plaatje naast een Allegro en een Escort, en een mooie lichtblauwe 1300 in een decor over de stakingen bij BL gedurende de jaren ’70.
Na een toeristische detour langs de kathedraal die wonder boven wonder de Duitse V1- en V2-aanvallen in WOII overleefd had, een typisch Engelse pastamaaltijd genuttigd - typisch Engels aangezien we net op tijd konden vluchten toen er een “hen’s night” neerdaalde in het etablissement. Avondvertier was vanuit de B&B naar Ronald en ik dachten vooral in het centrum te vinden op zo’n 20 minuten lopen, maar Hans regelde (hoe weten we nog steeds niet) dat we in de “Social Club” pal naast de B&B terecht konden (een besloten club waar je eigenlijk lid moest zijn). Voor de verandering niemand gesproken die ooit een dolomite gehad had, maar wel (a) aan een loterij meegedaan maar niks gewonnen en (b) bij sfeervol TL-licht gezien wat een gemêleerde samenleving die Engelse maatschappij toch is.
En toen de zondag! Na een echt Engels ontbijt met veel vet, ruim voldoende bonen, spek, toast, worst, tomaat (en had ik al gezegd veel vet?), klaargemaakt door een belegen doch uiterst vriendelijke dame (nu eens niet in een bloemetjesjurk zoals eigenlijk hoort bij B&Bs), vrolijk op weg naar het Heritage centre in Gaydon nabij Warwick. Buiten stonden naast ex-World Cup auto’s (1970) ook iets moderner rally-spul opgesteld, zoals dolomites (1973+), waar wij naast hadden kunnen parkeren als we gejokt hadden bij het beantwoorden van de vraag of onze auto een originele rally-auto was...
Jeroen speelde even met de vraag of de eigenaar van de daar aanwezige orignele Group 2 rally-auto het zou merken als hij deze auto boutje-voor-boutje uit elkaar zou schroeven en de onderdelen zou verstoppen in zijn achterbak naast de gastank en onze tassen, maar omdat hier geen plek voor was besloot hij toch maar om aan zijn originele idee vast te houden en er een replica van te bouwen.
Wat een mooie collectie auto’s stond daar: van de originele (...) World Cup rally-auto’s waren er de twee Saloons van Patrick Walker, een door BL Australia ingezette saloon in licht verkreukelde maar originele staat, en o.a. de winnende Ford Escort.
Volgens de daar ook een korte presentatie gevende Triumph-coureur Brian Culcheth had Triumph de rally moeten en kunnen winnen, omdat de Ford-rijder nog geen rally uitgereden had dat seizoen, laat staan dat hij dat nu ineens zou gaan doen in een rally van 16.000 mijl (!!) met special stages die tweeëneenhalve dag non-stop duurden. Brian Culcheth had de beste voorbereiding en verkenning gedaan (vergelijkbaar met het plusminus 5x rijden van de rally), geweldig materiaal en goede ondersteuning qua onderdelen o.a. door de inzet van vliegtuigen, maar de Ford-rijder maakte deze keer geen fouten, en werd de (terechte) winnaar. Brian Culcheth werd tweede. Brian Robson heeft over deze World Cup rally een boek geschreven, waarin vooral de Triumphs veel aandacht krijgen: “The daily mirror 1970 World Cup Rally 40”. Dit boek en een DVD van Brian Culcheth meteen aangeschaft natuurlijk.
Ook het Heritage Museum was het bekijken waard, en Hans en Jeroen hebben de daar aanwezige met een Dolomite Sprint-motor uitgeruste Formule 3 racer (gereden door o.a. Tiff Needell en Mansell) aan een nauwgezet onderworpen.


De maandag van terugkomst in Haarlem nog een leuke originele dolomite gaan bekijken in Haarlem een extra plaatje wil ik jullie niet onthouden. Deze auto kan heel veel origineel rijplezier bieden, maar moet gezien haar historie bij voorkeur bij een liefhebber terechtkomen.

02 mei 2010
Vroege dolomite: liefhebbers?
Half april nog een leuke originele dolomite gaan bekijken in Haarlem een paar plaatjes wil ik jullie niet onthouden. Deze auto kan heel veel origineel rijplezier bieden, maar moet gezien haar historie bij voorkeur bij een liefhebber terechtkomen.


Het betreft een leuke originele vroege dolomite - met unieke papieren (zoals een origineel service-paspoort van BL) en alle kenmerken van de 1e serie dolomites zoals lange overriders, het verlichtingsblokje op de achterbumper, het eerste type versnellingsbak met de zwarte knop enz. De laatste eigenaar was ook de eerste eigenaar (!!), en deze man is altijd lid geweest van de TDCN en ook de CTH, en hij heeft altijd goed voor deze auto gezorgd. De auto heeft een jaar stilgestaan, maar met wat verse benzine startte deze auto bij de eerste aanraking van de sleutel. Deze auto heeft nog tot eind dit jaar APK, en behoeft maar erg weinig aandacht om er zo mee weg te rijden. Voor meer inlichtingen of foto's graag contact opnemen met het dolomite register op dolomite[apestaartje]triumph[punt]nl


Het betreft een leuke originele vroege dolomite - met unieke papieren (zoals een origineel service-paspoort van BL) en alle kenmerken van de 1e serie dolomites zoals lange overriders, het verlichtingsblokje op de achterbumper, het eerste type versnellingsbak met de zwarte knop enz. De laatste eigenaar was ook de eerste eigenaar (!!), en deze man is altijd lid geweest van de TDCN en ook de CTH, en hij heeft altijd goed voor deze auto gezorgd. De auto heeft een jaar stilgestaan, maar met wat verse benzine startte deze auto bij de eerste aanraking van de sleutel. Deze auto heeft nog tot eind dit jaar APK, en behoeft maar erg weinig aandacht om er zo mee weg te rijden. Voor meer inlichtingen of foto's graag contact opnemen met het dolomite register op dolomite[apestaartje]triumph[punt]nl
18 april 2010
17 april 2010
03 april 2010
03 februari 2010
Dolomite in cijfers - alleen voor statistici en facts’n’stats adepten
In het november/decembernumer van de TT van 2008 verscheen een stukje met de titel ‘Dolomite facts and stats’ met daarin wat statistische gegevens geextraheerd uit de toen door mijn vrouw ingevoerde gegevens. Deze gegevens zijn ondertussen gecombineerd met gegevens die de club heeft aangekocht van de RDW, en het sprint register dat Ronald de Jonge bijhoudt. Dit geheel heb ik nog eens voor de brave lezers op een rijtje gezet.
In 2008 had ik ‘maar’ 939 kentekens in het register staan, dit zijn er inmiddels 1023; met name de RDW-gegevens zijn hier debet aan met 76 nieuwe kentekens, en 7 stuks komen uit het zwarte boekje van Ronald de Jonge. En ja, eentje is er spontaan aan komen waaien.
Toendertijd was zo’n 25% van het register ook nog daadwerkelijk bekend bij de RDW, wat zoveel wil zeggen dat de auto na plusminus 1993 nog een keertje ter APK aangeboden is – rond die tijd is het bestand van de RDW gedigitaliseerd, heb ik mij laten vertellen, en alle auto’s die toen al een tijdje geen APK meer hadden, zijn niet in het actieve bestand opgenomen. Deze auto’s staan natuurlijk wel ergens in een ‘schaduw’bestand geregistreerd, maar trek je zo’n auto uit de schuur, zul je eerst langs de RDW moeten om hem weer te activeren. Zo ook mijn sprint, en, de spontaan aangewaaide auto die ik hierboven noemde: de 99-TL-79. Enfin, ik heb niet nog eens met het handje alle 1023 kentekens via de website van de RDW gecheckt, maar ik denk dat die 25% nu wellicht ietsjes, maar niet veel, hoger zal zijn, omdat er immers best een relevant aantal kentekens bij zijn gekomen via diezelfde RDW.
Leuk van die RDW gegevens is dat er ook kleuren bij staan, en dit heeft mijn registergegevens in ieder geval wat kleur gegeven. In een tabelletje ziet dit er als volgt uit:
Paars (Magenta) is de zeldzaamste kleur, samen met zwart, want deze laatste kleur is uitsluitend bestemd geweest voor de Dolomite 1500SE. Binnen de diverse kleuren zijn er ook nog zeldzame kleuren te vinden: Ice Blue (babyblauw) en Sapphire Blue en Delft Blue (beiden donkerblauw) zijn zeldzame exoten, terwijl Pimento en Vermillion Red veel te vinden is in het register. De kleur geel heeft een speciaal plaastje in de dolomite-galerij: sprints van de eerste serie waren allemaal Mimosa Yellow, zacht geel. Ook zie je na de herordening van de Dolomite-modellijn in 1976 dat bepaalde kleuren vervangen zijn door andere: geen Mimosa Yellow meer maar Inca, en bijvoorbeeld geen Maple Brown meer maar Russet Brown.
In het tabelletje is onder andere ook te zien dat er nog een heuse Triumph 1500TC bestaat in Nederland, en dat is heel bijzonder. Het kenteken is wel van de jaren ’80, terwijl deze auto toch echt de begin jaren ’70 voorloper was van de na-1976 ‘Dolomite 1500’, en de opvolger van de eind jaren ’60 bedachte Triumph 1500.
Die Triumph 1500 (dus zonder ‘TC’) was een voorwielaandrijver met de koets van de latere dolomite; eigenlijk Triumph 1300 techniek (met 200cc meer dan) in een langere koets. De Triumph 1500TC is dan weer de latere achterwielaangedreven variant die ook naast de dolomite gevoerd is in het leveringsprogramma.
Welke modellen waren er eigenlijk allemaal? De productieaantallen en andere gegevens van alle dolomite-modellen staan in het bijgaande tabelletje, en ook of dat type auto ook rechtstreeks naar Nederland geleverd is – alle ‘kleine’ dolomite-modellen van na 1976 (met vierkante koplampjes) zijn niet meer geleverd – Nederland kreeg alleen de 1850HL en de Sprint. Ook staan in dit tabelletje de letters waarmee voor de verschillende modellen de chassis-, bak-, motor- en achteras (of differentieel)-nummers beginnen.
(bron: http://amicale.com/spitfire/technique/tableaux/serial2.htm)
Als laatste de vertrouwde oproep mij te mailen om het Dolomite register te actualiseren. Schroom niet me te mailen met kenteken, chassis- en bodynummers, hoe lang je de auto al in het bezit hebt, van wanneer het kentekenbewijs deel I is en uiteraard met die recente foto bij jou voor de deur of in de garage. Als dank stuur ik je dan de gegevens die ik al van de auto had terug, met, indien aanwezig, een scan van de foto’s die ik in het register heb.
In de loop van 2010 overweegt de CTH een deel van de gegevens wellicht ook beperkt on-line beschikbaar te stellen, rekening houdend natuurlijk met privacy van eigenaren danwel fraudegevoeligheid van informatie. Het zal wellicht iets worden in de vorm van kenteken, model, foto, en standplaats. Geen eigenaarnamen dus, en de vorm waarin iets van chassisnummers on-line zou komen staat ook nog ter discussie. Mijn idee zou zijn om hiervan in ieder geval enkele cijfers te anonimiseren; bijvoorbeeld door de laatste twee cijfers weg te laten, in de vorm van WF123xxLDL. Hiermee kun je wel mooi zien welke auto’s dicht bij elkaar geproduceerd zijn, maar bescherm je deze gegevens toch nog een beetje tegen misbruik.
In 2008 had ik ‘maar’ 939 kentekens in het register staan, dit zijn er inmiddels 1023; met name de RDW-gegevens zijn hier debet aan met 76 nieuwe kentekens, en 7 stuks komen uit het zwarte boekje van Ronald de Jonge. En ja, eentje is er spontaan aan komen waaien.
Toendertijd was zo’n 25% van het register ook nog daadwerkelijk bekend bij de RDW, wat zoveel wil zeggen dat de auto na plusminus 1993 nog een keertje ter APK aangeboden is – rond die tijd is het bestand van de RDW gedigitaliseerd, heb ik mij laten vertellen, en alle auto’s die toen al een tijdje geen APK meer hadden, zijn niet in het actieve bestand opgenomen. Deze auto’s staan natuurlijk wel ergens in een ‘schaduw’bestand geregistreerd, maar trek je zo’n auto uit de schuur, zul je eerst langs de RDW moeten om hem weer te activeren. Zo ook mijn sprint, en, de spontaan aangewaaide auto die ik hierboven noemde: de 99-TL-79. Enfin, ik heb niet nog eens met het handje alle 1023 kentekens via de website van de RDW gecheckt, maar ik denk dat die 25% nu wellicht ietsjes, maar niet veel, hoger zal zijn, omdat er immers best een relevant aantal kentekens bij zijn gekomen via diezelfde RDW.
Leuk van die RDW gegevens is dat er ook kleuren bij staan, en dit heeft mijn registergegevens in ieder geval wat kleur gegeven. In een tabelletje ziet dit er als volgt uit:
| Model | 2008 | 2010 | blauw | bruin | geel | grijs | groen | paars | rood | wit | zwart | ??? |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1300(TC) | 16 | 17 | 3 | 1 | 5 | 5 | 2 | 1 | ||||
| 1500(TC) | 1 | 1 | ||||||||||
| 1500(HL/SE) | 1 | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| 1850(HL) | 779 | 837 | 73 | 142 | 82 | 2 | 131 | 202 | 61 | 3 | 141 | |
| SPRINT | 131 | 146 | 18 | 3 | 31 | 23 | 1 | 42 | 21 | 2 | 5 | |
| TOLEDO | 13 | 20 | 2 | 1 | 6 | 7 | 2 | 2 | ||||
| TOTAAL | 939 | 1023 | 96 | 146 | 114 | 3 | 165 | 1 | 257 | 86 | 6 | 149 |
Paars (Magenta) is de zeldzaamste kleur, samen met zwart, want deze laatste kleur is uitsluitend bestemd geweest voor de Dolomite 1500SE. Binnen de diverse kleuren zijn er ook nog zeldzame kleuren te vinden: Ice Blue (babyblauw) en Sapphire Blue en Delft Blue (beiden donkerblauw) zijn zeldzame exoten, terwijl Pimento en Vermillion Red veel te vinden is in het register. De kleur geel heeft een speciaal plaastje in de dolomite-galerij: sprints van de eerste serie waren allemaal Mimosa Yellow, zacht geel. Ook zie je na de herordening van de Dolomite-modellijn in 1976 dat bepaalde kleuren vervangen zijn door andere: geen Mimosa Yellow meer maar Inca, en bijvoorbeeld geen Maple Brown meer maar Russet Brown.
In het tabelletje is onder andere ook te zien dat er nog een heuse Triumph 1500TC bestaat in Nederland, en dat is heel bijzonder. Het kenteken is wel van de jaren ’80, terwijl deze auto toch echt de begin jaren ’70 voorloper was van de na-1976 ‘Dolomite 1500’, en de opvolger van de eind jaren ’60 bedachte Triumph 1500.
Die Triumph 1500 (dus zonder ‘TC’) was een voorwielaandrijver met de koets van de latere dolomite; eigenlijk Triumph 1300 techniek (met 200cc meer dan) in een langere koets. De Triumph 1500TC is dan weer de latere achterwielaangedreven variant die ook naast de dolomite gevoerd is in het leveringsprogramma.
Welke modellen waren er eigenlijk allemaal? De productieaantallen en andere gegevens van alle dolomite-modellen staan in het bijgaande tabelletje, en ook of dat type auto ook rechtstreeks naar Nederland geleverd is – alle ‘kleine’ dolomite-modellen van na 1976 (met vierkante koplampjes) zijn niet meer geleverd – Nederland kreeg alleen de 1850HL en de Sprint. Ook staan in dit tabelletje de letters waarmee voor de verschillende modellen de chassis-, bak-, motor- en achteras (of differentieel)-nummers beginnen.
| Model | Van/tot | Aantal | NL? | Chassis | Body | Motor | Bak | Diff |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Dolomite | 2/72-3/76 | 30 505 | Ja | WF | WF | WH/WM | WF/WG | |
| Dolomite Sprint | 6/73-8/80 | 22 941 | Ja | VA | WD | VA | VA | VA |
| Dolomite 1300 | 3/76-8/80 | 32 031 | Nee | WH | WH | DH | DN | DG |
| Dolomite 1500 | 3/76-8/80 | 43 235 | Nee | WG | WG | YC | YD/DR | DM/DP |
| Dolomite 1500HL | 3/76-8/80 | Nee | WK | WK | YC | YD/DR | DM/DP | |
| Dolomite 1850HL | 3/76-8/80 | 48 505 | Ja | WF 60001 | WD | WF60001 | WH/WM | WF/WG |
| 1300 | 10/65-8/70 | 113 008 | Ja | RD | RD | RD | ||
| 1300 TC | 9/67-8/70 | 35 342 | Ja | RF | RD | RF | ||
| 1500 (FWD) | 11/70-8/72 | 66 353 | Ja | WB | WB | WB | WB | |
| 1500 (FWD) | 8/72-10/73 | 66 353 | Ja | YB54064 | WB | YB54401 | YB49949 | |
| 1500 (RWD) | ? | DM | YB | DM | YC/YD | |||
| 1500 TC | 10/73-3/76 | 25 549 | Ja | YC | YB | DS | DG | DM |
| Toledo 2 doors | 8/70-3/75 | 113 294 | Ja | ADG | DG | DG | DG | |
| Toledo 4 doors | 8/71-3/76 | Ja | ADF | DG | DG | DG |
Als laatste de vertrouwde oproep mij te mailen om het Dolomite register te actualiseren. Schroom niet me te mailen met kenteken, chassis- en bodynummers, hoe lang je de auto al in het bezit hebt, van wanneer het kentekenbewijs deel I is en uiteraard met die recente foto bij jou voor de deur of in de garage. Als dank stuur ik je dan de gegevens die ik al van de auto had terug, met, indien aanwezig, een scan van de foto’s die ik in het register heb.
In de loop van 2010 overweegt de CTH een deel van de gegevens wellicht ook beperkt on-line beschikbaar te stellen, rekening houdend natuurlijk met privacy van eigenaren danwel fraudegevoeligheid van informatie. Het zal wellicht iets worden in de vorm van kenteken, model, foto, en standplaats. Geen eigenaarnamen dus, en de vorm waarin iets van chassisnummers on-line zou komen staat ook nog ter discussie. Mijn idee zou zijn om hiervan in ieder geval enkele cijfers te anonimiseren; bijvoorbeeld door de laatste twee cijfers weg te laten, in de vorm van WF123xxLDL. Hiermee kun je wel mooi zien welke auto’s dicht bij elkaar geproduceerd zijn, maar bescherm je deze gegevens toch nog een beetje tegen misbruik.
03 oktober 2009
Door glazen ogen
Hmmm, het lijkt een gewoonte te worden om om de TT een stukje te schrijven en het de andere keren over te laten aan anderen... helemaal niet erg, want een register is een beter register als er meer dan één scribent is, en als er dolomite-verhalen verteld vanuit meerdere gezichtspunten verschijnen in dit clubblad.
Om te compenseren voor het gebrek aan (legale) rij-ervaring in een dolomite, snuffel ik regelmatig rond in de krochten van het interweb op zoek naar dolomitobilia. Zo kijk ik regelmatig eens rond bij Amazon (.co.uk), en laatst ontdekte ik daar een nieuw ‘dit-moet-ik-hebben-dingetje: een boek getiteld: ‘Through Glass Eyes’. Klinkt nog niet heel spannend, maar de zoekterm die ik ingegeven had bij genoemde amazone was toch echt ‘triumph dolomite’. Hmm, eens even verder kijken dus... hee, een plaatje van de kaft... dat is toch niet... jazeker, een leesboek met op de voorkant een Triumph Dolomite, met als ondertitel: ‘The Autobiography of a 1975 Triumph Dolomite Sprint’, geschreven door Paul Chiswick (http://www.paulchiswick.com/).

Dit boek bevat een verzameling verhalen vanuit het gezichtspunt van een dolomite sprint over door de tijd heen, maar de verhalen gaan meer over zijn eigena(a)r(en) dan over de auto zelf. Ook komt het karaker van bepaalde merken auto’s aan bod, en een Leitmotief door al deze verhalen heen is o.a. de “code of conduct” voor auto’s.
Ik ben pas halverwege het schrijfsel, en vind het een aardig vermaak om zo af en toe eens wat in te lezen, maar ik vind het niet pakkend of erg goed gedaan – het gezichtpunt van de auto is niet ver genoeg doorgevoerd om het heel bijzonder te maken, het lijkt soms of het er later tegenaan geplakt is als een soort vertellersrol. Maar, het boekje kost maar een paar centen meer dan helemaal niks, en, zo af en toe zitten er wel grappige elementen in. En ik zei het al, het is een dolomite-hebbedingetje.
Tot zover mijn spreekbeurt over dit boek – en ondanks mijn kanttekeningen, is het natuurlijk wel grappig om zo’n denkkronkel eens te maken: hoe zou je hobby-auto het leven beschrijven als hij dit kon? Zie ik hij? Of zij natuurlijk, want auto’s mogen volgens regel 1 in de “code of conduct” nooit verraden van welk geslacht ze zijn. Dat is al zo’n personificatie: welk geslacht heeft je auto? Ik heb een Australische medestudent eens horen zeggen dat auto’s vrouwelijk zijn omdat je van ze kan houden, maar anderen vinden weer dat als het stoere auto’s zijn dat het mannetjes zijn – maar dat zijn dan weer veel Nederlanders. Zou dit cultuur- of taal-gebonden zijn? Veel Engelsen gebruiken inderdaad “she” als ze het over hun Triumph hebben; een goede tweede is “it” n pas op de laatste plaats zal “he” eindigen denk ik – maar ik heb het niet geturfd.
En dan heb je de (bij)namen die mensen hun auto’s geven, in Engeland vaak gebaseerd op de lettercombinaties in het nummerbord (“GMA 123P” bijvoorbeeld noemt men als snel Gemma), of iets wat bij de kleur past.
Zelf heb ik nog maar één keer een bijnaam voor een auto bedacht, en niet eens voor m’n eigen auto: de ice blue 2000MkII die ooit van Ronald de Jonge was heb ik ooit “tante Pollewop” gedoopt. Waarom? Het ding was een beetje een goeiige ouwe tante, wat breder op de heupen (breder dan een dolomite), danste over de weg, luste wel een slokje, en had een net iets te slobberige jurk als stoelhoes. Zoiets. De huidige Triumph van Ronald is een Java green TR7, die we achter zijn rug om steevast de groene kaas noemen, maar in het bijzijn van auto of eigenaar de “Java Seven” noemen.
Voor het eigen wagenpark gebruik ik of de letters uit het kenteken (“de ZG”) of ik doe iets met de kleur als dat kenmerkend genoeg is – zo heb ik nog een Engels bekentekende sprint staan in de kleur “honeysuckle white”, dus die heet “de honeysuckle”. Hele rare naam voor een kleur trouwens... welke kleur is honingzuigsel nou? Beige dus... blijkbaar.
Toch is het niet raar om menselijke of dierlijke eigenschappen of gedrag op auto’s te projecteren; iedereen weet wel meteen wat je bedoelt. Als er onder een foto geschreven staat “Brian Culcheth’s dolomite sprint hanging its tail out in the 1975 tour of Britain” krijg je zonder de foto te zien al wel het gevoel wat Brian aan het doen was met die auto. Zo ben ik ook wel eens gesignaleerd met een kwispelende Sprint bij het uitkomen van een bijna-180-graden bocht. Soms gromt een auto, heeft-ie temperament (alleen de Italiaanse ontwerpen), of markeert-ie zijn territorium in plaats van dat er gezegd wordt dat hij olie lekt.
Om te compenseren voor het gebrek aan (legale) rij-ervaring in een dolomite, snuffel ik regelmatig rond in de krochten van het interweb op zoek naar dolomitobilia. Zo kijk ik regelmatig eens rond bij Amazon (.co.uk), en laatst ontdekte ik daar een nieuw ‘dit-moet-ik-hebben-dingetje: een boek getiteld: ‘Through Glass Eyes’. Klinkt nog niet heel spannend, maar de zoekterm die ik ingegeven had bij genoemde amazone was toch echt ‘triumph dolomite’. Hmm, eens even verder kijken dus... hee, een plaatje van de kaft... dat is toch niet... jazeker, een leesboek met op de voorkant een Triumph Dolomite, met als ondertitel: ‘The Autobiography of a 1975 Triumph Dolomite Sprint’, geschreven door Paul Chiswick (http://www.paulchiswick.com/).

Dit boek bevat een verzameling verhalen vanuit het gezichtspunt van een dolomite sprint over door de tijd heen, maar de verhalen gaan meer over zijn eigena(a)r(en) dan over de auto zelf. Ook komt het karaker van bepaalde merken auto’s aan bod, en een Leitmotief door al deze verhalen heen is o.a. de “code of conduct” voor auto’s.
Ik ben pas halverwege het schrijfsel, en vind het een aardig vermaak om zo af en toe eens wat in te lezen, maar ik vind het niet pakkend of erg goed gedaan – het gezichtpunt van de auto is niet ver genoeg doorgevoerd om het heel bijzonder te maken, het lijkt soms of het er later tegenaan geplakt is als een soort vertellersrol. Maar, het boekje kost maar een paar centen meer dan helemaal niks, en, zo af en toe zitten er wel grappige elementen in. En ik zei het al, het is een dolomite-hebbedingetje.
Tot zover mijn spreekbeurt over dit boek – en ondanks mijn kanttekeningen, is het natuurlijk wel grappig om zo’n denkkronkel eens te maken: hoe zou je hobby-auto het leven beschrijven als hij dit kon? Zie ik hij? Of zij natuurlijk, want auto’s mogen volgens regel 1 in de “code of conduct” nooit verraden van welk geslacht ze zijn. Dat is al zo’n personificatie: welk geslacht heeft je auto? Ik heb een Australische medestudent eens horen zeggen dat auto’s vrouwelijk zijn omdat je van ze kan houden, maar anderen vinden weer dat als het stoere auto’s zijn dat het mannetjes zijn – maar dat zijn dan weer veel Nederlanders. Zou dit cultuur- of taal-gebonden zijn? Veel Engelsen gebruiken inderdaad “she” als ze het over hun Triumph hebben; een goede tweede is “it” n pas op de laatste plaats zal “he” eindigen denk ik – maar ik heb het niet geturfd.
En dan heb je de (bij)namen die mensen hun auto’s geven, in Engeland vaak gebaseerd op de lettercombinaties in het nummerbord (“GMA 123P” bijvoorbeeld noemt men als snel Gemma), of iets wat bij de kleur past.
Zelf heb ik nog maar één keer een bijnaam voor een auto bedacht, en niet eens voor m’n eigen auto: de ice blue 2000MkII die ooit van Ronald de Jonge was heb ik ooit “tante Pollewop” gedoopt. Waarom? Het ding was een beetje een goeiige ouwe tante, wat breder op de heupen (breder dan een dolomite), danste over de weg, luste wel een slokje, en had een net iets te slobberige jurk als stoelhoes. Zoiets. De huidige Triumph van Ronald is een Java green TR7, die we achter zijn rug om steevast de groene kaas noemen, maar in het bijzijn van auto of eigenaar de “Java Seven” noemen.
Voor het eigen wagenpark gebruik ik of de letters uit het kenteken (“de ZG”) of ik doe iets met de kleur als dat kenmerkend genoeg is – zo heb ik nog een Engels bekentekende sprint staan in de kleur “honeysuckle white”, dus die heet “de honeysuckle”. Hele rare naam voor een kleur trouwens... welke kleur is honingzuigsel nou? Beige dus... blijkbaar.
Toch is het niet raar om menselijke of dierlijke eigenschappen of gedrag op auto’s te projecteren; iedereen weet wel meteen wat je bedoelt. Als er onder een foto geschreven staat “Brian Culcheth’s dolomite sprint hanging its tail out in the 1975 tour of Britain” krijg je zonder de foto te zien al wel het gevoel wat Brian aan het doen was met die auto. Zo ben ik ook wel eens gesignaleerd met een kwispelende Sprint bij het uitkomen van een bijna-180-graden bocht. Soms gromt een auto, heeft-ie temperament (alleen de Italiaanse ontwerpen), of markeert-ie zijn territorium in plaats van dat er gezegd wordt dat hij olie lekt.
Abonneren op:
Posts (Atom)







